Ma 03-08  

Welnu, ik ben niet bijzonder politiek geëngageerd. Hij wel. ELL, zo notificeert hij menigmaal, staat voor Extreem Linke Liberalen. Het is niet zijn partij. Au contraire.

Lief dagboek (op aandringen van Livin),  

Vandaag tijdens de lunch, na het kuisen van zijn kantoor, wist Basiel mij ervan te vergewissen dat er een bescheiden opstootje had plaatsgevonden bij de ELL. Welnu, ik ben niet bijzonder politiek geëngageerd. Hij wel. ELL, zo notificeert hij menigmaal, staat voor Extreem Linke Liberalen. Het is niet zijn partij. Au contraire. Mij dunkt dat hij dit soort strapatsen aanmoedigt. Zijn grimas tijdens het oreren verraadde een excessief genot. 

“Het zal wel loslopen. Presumptief is het een hoop gekakel zonder eieren”, zei ik met enige vrees de vreugde van mijn broeder de kop in te drukken. Maar wat weet ik er nou van? Rien. Hij ratelde dan ook gewoon door en in zijn optiek was het alles een teken aan de wand. Mijn labeur heb ik aan Basiel te danken, dus ik luister altijd gedwee naar zijn politieke relaas. Het doet mij sowieso goed om in deze deerniswekkende tijden dicht bij mijn broeder in de buurt te zijn. Al doen wij zeer verschillende dingen in hetzelfde pand en zijn wij in vele opzichten twee tegenpolen.  

Basiel zit met zijn fundament neergeplakt op een kostbare, lederen stoel met een fok op zijn luifel te tikken op een bord achter een kompetuter. Alles draait om cijfertjes, grafieken, statistieken en overmatig gecompliceerd kantoorjargon. Hij behoort tot de hogere echelon. Ofschoon hij niet met de plak zwaait, heeft hij toch het een en ander in de melk te brokkelen. Ik sta met de mop in mijn knuist de vloer te soppen en behoor tot het crapuul. Verschil moet er zijn. Zijn kantoor doe ik altijd extra zorgvuldig. Soms laat mijn broeder weleens wat molm achter voor mij. Natuurlijk zou ik het allemaal best in een bescheten doekje willen hebben. Van mijn broeder vind ik het lastig om aan te nemen. Liever sappel ik ervoor. Ik kan het pertang zeer goed gebruiken. Het gaat altijd in de spaarpot voor het grut. Als ze gaan studeren, kunnen ze het hard gebruiken. 

Een dag labeuren doet mij eveneens veelal mijn kommer en wee vergeten. Bij thuiskomt zitten Iwan en Livin meestentijds met smart op mij te wachten. Deze vakantie is nagenoeg gelijk alle anderen. Er is geen duimkruid om met hen op reis te gaan, maar zij gaan volgende week met Fie en Gust mee naar elders. Ik ben erg in de wiek geschoten hierover. Edoch, ik doe mijn best blij te zijn voor Iwan en Livin. Nolens volens moesten zij mee van de helleveeg en haar nieuwe beminde. Alhoewel zij graag ertussen uit wilden, liever niet met hun mater en die basserool. Ik zal het fort bewaken. Zij zullen zich vast vermaken. 

 

Plaats een reactie